startpagina.
0-9 A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Keltis
Keltis

Auteur: Reiner Knizia
Uitgever: Kosmos (2008)
Aantal spelers: vanaf 2 tot 4
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: 30 minuten
Prijs: circa 25 euro
Soort: bord


Het spel ...

Reiner Knizia is zonder twijfel de meest productieve spelauteur van de laatste jaren. Dat komt voor een groot gedeelte doordat hij een meester is in het hergebruiken van zijn spelideeën. Eigenlijk is dat niet zo vreemd, want hij speelt nooit spellen van andere auteurs. Zodoende is hij zijn eigen grootste muze, en dan wil je vergelijkbare spelmechanismen nog wel eens in meerdere spellen tegenkomen.

Keltis is weer zo'n spel dat duidelijk geënt is op een eerder spel van Knizia, in dit geval Lost Cities. Keltis wordt regelmatig omschreven als 'Lost Cities voor meer personen' en het is makkelijk in te zien waarom. Ook hier is het spelidee dat je kaarten in volgorde moet spelen. Bovendien begin je met minpunten als je aan een bepaalde kleur begint en kun je afgelegde kaarten van andere spelers in je hand nemen.

Daar houden de overeenkomsten wel zo'n beetje op. Een belangrijk verschil is dat je de kaarten in Keltis niet alleen oplopend mag spelen, maar ook aflopend. De keuze voor de volgorde maak je zodra je een kaart speelt die hoger of lager is dan de vorige. Bovendien telt iedere kleur elf getallen, die allemaal twee keer voorkomen. Per kleur zijn er in Keltis dus 22 kaarten beschikbaar, tegenover negen in Lost Cities (twaalf als je de weddenschappen meetelt). Dit betekent dat de spanning of je de kaarten die je nog nodig hebt wel zult trekken, in Keltis een stuk minder is.

Maar daar staat tegenover dat de waarde van een individuele kaart in Keltis veel kleiner is dan bij Lost Cities. In Keltis leveren de kaarten namelijk geen punten op op basis van de waarde van de kaart. Telkens als je een kaart speelt, mag je je steen bij die kleur een vakje verplaatsen. Het eerste vakje levert -4 punten op, sta je op het laatste dan is dat 10 punten waard. Onderweg kom je ook fiches tegen, waarmee je extra punten kunt scoren of die je toestaan een gratis zet te doen met dezelfde of een andere steen. Fiches kunnen erg belangrijk zijn, zodat het soms uitdraait op een race met je medespelers wie een bepaald fiche als eerste bereikt.

Sowieso is timing in Keltis erg belangrijk. Het spel eindigt namelijk niet alleen als de stapel kaarten op is, maar ook zodra vijf stenen op het bord een bepaald punt hebben bereikt. Dit voert de druk op om sommige stenen naar voren te sturen, zodat ze meer punten opleveren, terwijl je misschien liever een andere steen had verplaatst om nog een fiche te scoren.

Aan het einde van het spel telt iedereen de punten op van de vakjes waar zijn stenen staan, plus de bonuspunten van verzamelde fiches. De speler met de meeste punten wint.

... en de waardering

Op het eerste gezicht lijkt Keltis een slap aftreksel van Lost Cities. Lost Cities draait allemaal om risicomanagement, en dat is bij Keltis een stuk minder. Maar Keltis weet daar genoeg tegenover te stellen. Zoals gezegd is vooral timing een stuk belangrijker. Ook de afweging bij welke kleur je een kaart speelt is een stuk belangrijker geworden. Je kunt wel fors gaan investeren in een kleur om daar veel punten te verdienen, maar dat betekent vaak dat anderen er met kostbare fiches vandaar gaan. Omgekeerd geldt natuurlijk hetzelfde. Dit maakt de keuzes in Keltis vaak niet minder interessant dan in Lost Cities.

Ik moet er wel bij zeggen dat dit vooral het geval is bij meer spelers. Met z'n tweeën zijn de afwegingen een stuk minder cruciaal, omdat je maar één concurrent hebt die je in de gaten moet houden. Met twee is Keltis nog steeds de moeite waard, maar toch een stuk minder intens dan Lost Cities. Maar met drie of vier (en vooral drie) is Keltis een uitstekende bewerking van Lost Cities, die niet mag ontbreken in de verzameling van iedere Kniziafan of liefhebbers van korte en eenvoudige bordspellen.


4 pionnen
Peter Hein

terug naar boven