18 november 2003
Spelers: Bas, Dirk Jan, Hieke, Sten en Styn
Gelukkig had Hieke ook nog Reibach & Co bij zich. Dit spel is wel speelbaar met vijf spelers. Het werd door Hieke enthousiast gepromoot met: ‘het lijkt wel wat op Union Pacific’, een spel waar Dirk Jan wel enthousiast over is. Het gaat bij Reibach & Co inderdaad ook om het aanleggen van rijtjes kaarten (‘aandelen’) in verschillende categorieën. Degene met de meeste kaarten in een categorie scoort drie punten, de tweede slechts één punt. Verder wordt hier ook de telling aangegeven door het omdraaien van ‘telling’kaarten uit de stapel. Ook bij een aantal andere spellen wordt dit systeem echter gebruikt. Het positiespel op het bord dat de waarde van spoorwegmaatschappijen in UP bepaald ontbreekt hier echter. Aangezien Sten en Styn UP niet kenden was verdere vergelijking van deze twee spellen bij de uitleg eerder verwarrend dan behulpzaam.
Er werd besloten om het gelukselement van het trekken van de ‘dubbeltel’kaarten en de jokers te verkleinen door iedere speler één van deze kaarten in een privé-stapel te geven. Hierdoor kon iedere speler precies één van ieder van deze kaarten krijgen, maar moest hier wel een actie aan besteed worden. Als oudste speler mocht Dirk Jan beginnen. Hij begon direct met het leggen van een basis voor het stichten van een verzameling gebouwen. De andere spelers benutten hun beurt met het aanvullen van hun hand door drie van de open kaarten te trekken. Een ieder begon vervolgens een monopolieverzameling. Alleen Bas vond het al snel nodig om ook een verzameling met gebouwen uit te leggen, waar Dirk Jan tot dan de monopolist in was. Dit noodzaakte hem om op deze stapel zijn joker neer te leggen, wat Bas prompt ook deed. De eerste telronde scoorden Bas en Dirk Jan het meeste, omdat zij in drie kaartsoorten hadden geinvesteerd. De tweede telronde volgde kort op de eerste. Hieke had wel gebruik kunnen maken om de ongedeelde leiding in de bootcategorie te nemen ten koste van Dirk Jan. De monopolies van Sten en Styn waren niet bedreigd, maar zij hadden ook geen extra inkomsten kunnen vergaren. Na de tweede telronde trok Dirk Jan twee ronden achtereen drie kaarten, hetgeen hem een volle hand kaarten opleverde en een mooie uitgangspositie om het meubel monopolie van Bas aan te pakken. Hieke zorgde dat Sten geen monopolie meer had in de olie en kort voor het einde wist Styn het goud monopolie van Dirk Jan te doorbreken, die al zijn acties nodig had om de kaarten uit zijn hand op tafel te krijgen. Uiteindelijk lukte het iedereen om met een vrijwel lege hand het spel te beeindigen. Hieke en Bas hadden beide de meeste punten. In de regels stonden geen tiebreaker regels, dus hebben ze beiden gewonnen.
Uitslag: Hieke 27; Bas 27; Dirk Jan 26; Sten 18; Styn 17
Waardering: Styn 3½; Hieke, Dirk Jan, Sten 3; Bas 2½
4 november 2003
Spelers: Frank, Hieke, Judith en Willemien
Hieke had een nieuw spel meegenomen, Reibach & Co. Dit spel is makkelijk mee te nemen, het bestaat namelijk slechts uit een pak met kaarten. Iedereen krijgt bij start een aantal kaarten en verder worden er vier kaarten open op tafel gelegd. De rest van de kaarten ligt op een gesloten stapel. In het spel is het de bedoeling om kaarten met dezelfde plaatjes te sparen, in categorieën als aandelen, kunst, goud etc, en deze op tafel te leggen. Deze kaarten kun je krijgen door de deling bij de start en (voornamelijk) door bij beurten kaarten van de gesloten stapel of de vier openliggende kaarten te pakken. Kaarten van de gesloten stapel hebben het voordeel dat de tegenspelers niet weten welke kaart je pakt. Het nadeel is dat deze kaarten ‘duurder’ zijn: een kaart van de gesloten stapel kost twee acties, één van de openliggende pakken kost één actie. Elke beurt mag je drie acties doen. Het wegleggen van een kaart op tafel kost ook een actie. Bij het begin van een nieuwe soort moet er een gesloten kaart (soort maakt niet uit) uitgelegd worden als basis, dit kost ook één actie.
Er zijn tien kaarten met een dollarteken. Wanneer deze kaarten worden getrokken, worden ze meteen opzij gelegd. Bij de vierde, zevende en tiende dollarkaart worden de punten geteld. Het totaal aantal punten van deze drie rondes is het eindtotaal van de spelers. Alleen kaarten die op tafel liggen leveren punten op. Bij de derde telling leveren kaarten in de hand zelfs strafpunten op.
Judith haalde weinig punten omdat ze teveel kaarten pakte en te weinig op tafel legde. Wat veel punten oplevert (4) met weinig inspanning, is het hebben van een zgn. monopolie (dan ben je de enige die deze soort spaart). Dit kan al als je maar één kaart van deze soort op tafel hebt! Als iemand anders dezelfde soort spaart, krijgt degene met de meeste in die soort 3 punten, en de tweede 1 punt. Met dubbele risico kaarten kun je je puntenaantal van een bepaalde verzameling verdubbelen. Het is echter niet sim om deze bij een puntentelling nog in de hand te hebben.
Bij de eerste twee puntentellingen stond Willemien voor, maar bij de derde telling heeft Frank haar ingehaald en gewonnen. Willmien stelde na afloop voor om de jokers en dubbel risico kaarten van tevoren eerlijk te verdelen over de spelers. Door het volledig aan het toeval over te laten kan de verdeling van deze kaarten erg scheef uitvallen, zoals in ons spel het geval was.
Uitslag: Frank 33, Willemien 31, Hieke 18, Judith 13
Waardering: Hieke en Willemien 3½, Frank en Judith 3 |