startpagina.
0-9 A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Tiny Towns
Tiny Towns

Auteur: Peter McPherson
Uitgever: AEG (2019)
Aantal spelers: vanaf 1 tot 6
Leeftijd: vanaf 14 jaar
Speelduur: 45 minuten
Prijs: circa 40 euro
Soort: bordspel


Het spel ...
Het aantal nieuwe spellen dat ieder jaar uitkomt, neemt alleen maar toe. Dit zorgt aan de ene kant voor meer keus, maar aan de andere kant worden spellen eendagsvliegen die, als ze niet snel worden opgepikt door de spellenwereld, hun plekje in het spellenschap op moeten geven en doorschuiven naar de uitverkoophoek om zo plaats te maken voor de volgende lading nieuwe spellen. Als uitgever kan je hier op twee manieren mee om gaan: of je doet mee en probeert ook zelf heel veel titels uit te brengen die je in kleine oplagen produceert en waarvan slechts een enkeling herdrukt wordt als er voldoende vraag is. Of je focust je aandacht op een paar spellen waar je echt in geloofd. AEG heeft recent besloten om zich te gaan focussen op de tweede strategie: ze gaan minder spellen uitbrengen, zodat ze zich kunnen richten op de spellen waar ze echt in geloven. Een van de eerste spel die na deze beleidswijziging uitkwam was Tiny Towns.

AEG heeft kosten nog moeite gespaard met de vormgeving en uitvoering van Tiny Towns. Van de doos tot het scoreblok, het spelmateriaal ziet er goed uit en is van hoge kwaliteit (dik karton, houten speelfiguren). Het mooiste onderdeel van het spel zijn de acht verschillende houten gebouwtjes die in het doos zitten. Als je dit spelmateriaal op tafel zet, zullen mensen zeker even komen kijken. Tiny Towns is een puzzelspelletje waar de spelers hun eigen kleine stadje gaan bouwen met deze gebouwtjes.

Aan het begin van het spel krijgen alle spelers een bordje van vier bij vier vakjes voor zich te liggen. Op elk vakje kan een gebouw gebouwd worden (als je het goed doet). In het midden van de tafel komen zeven kaarten te liggen waarop staat hoe je de verschillende gebouwen kan bouwen (welke grondstoffen heb je daar voor nodig en hoe moet je die neerleggen) en wat ieder gebouw oplevert (voordeeltjes tijdens het spel of punten aan het eind van het spel). Voor bijna alle gebouwen zitten verschillende kaarten in het spel zodat ieder spel anders is.

Vervolgens zijn de spelers om de beurt de bouwmeester. De bouwmeester kiest één van de vijf grondstoffen (gekleurde blokjes) uit. Alle spelers moeten vervolgens dit blokje op hun eigen spelersbordje leggen. Aan het eind van iedere beurt mag je vervolgens de geplaatste grondstoffen gebruiken om een gebouw te bouwen. Als er op jouw bordje blokjes in dezelfde kleur en opstelling liggen als op één van de gebouwenkaarten, dan haal je deze blokjes weg en leg je op één van de vakjes waar je een blokje afhaalde het bijbehorende gebouw.

Iedereen speelt net zo lang door tot al je vakjes op je spelersbordje zijn bedekt met gebouwen of grondstofblokjes. En daarna volgt de puntentelling. Ieder gebouw wordt op zijn eigen manier gewaardeerd. Sommige gebouwen leveren niets op (maar dan kreeg je een voordeeltje tijdens het spel), andere leveren een vast aantal punten op en weer anderen leveren punten op gebaseerd op het aantal gebouwen van een soort dat je gebouwd hebt of juist op basis van de locatie waar de gebouwen staan of de gebouwen waar een gebouw aan grenst. Vervolgens krijg je nog aftrek voor vakjes waar alleen een grondstofblokje op ligt. Wie daarna de meeste punten heeft, wint het spel.

Je kan het spel ook met een gevorderdenvariant spelen. In deze variant krijgt elke speler aan het begin van het spel twee kaarten met daarop een roze gebouw met extra sterke eigenschappen. Iedere speler kiest één van deze kaarten uit en mag dit gebouw tijdens het spel één keer (niet vaker) bouwen.

... en de waardering
Tiny Towns is een erg leuk puzzelspelletje. Omdat iedereen elke ronde het door de bouwmeester gekozen grondstofblokje moet plaatsen, is iedereen continue actief bij het spel betrokken. Aan het begin van het spel heb je vaak nog alle ruimte en lukt het wel om de gekozen blokjes zo neer te leggen dat je er een gebouw van kan maken. Maar hoe verder je in het spel komt, hoe voller je bordje al is met gebouwen en grondstofblokjes en hoe lastiger het wordt om je plannen uit te voeren. Niet alleen kiezen je medespelers regelmatig grondstoffen waar je niet op zit te wachten, maar doordat je bordje steeds voller is, is het ook lastiger om de blokjes in het juiste patroon neer te leggen om er een gebouw van te maken. Meer spelers betekent ook meer chaos in dit spel, maar wat mij betreft ook meer speelplezier omdat het een grotere uitdaging is om je bordje netjes vol te bouwen. Meestal lukt dat net (of helemaal) niet, maar dat zorgt er juist voor dat mensen het spel vaak meteen nog een keer willen spelen in de (ijdele) hoop dat het een volgende keer beter gaat. De perfecte stad blijft altijd net buiten het bereik en daardoor wil je het blijven proberen.

4 pionnen
Dagmar

terug naar boven