startpagina.
0-9 A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Venedig
Venedig

Auteur: Klaus-Jürgen Wrede
Uitgever: Amigo (2007)
Aantal spelers: vanaf 2 tot 5
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: 60 minuten
Prijs: circa 25 euro
Soort: bord
Lees ook het Spelverslag


Het spel ...

De stad die het vaakst gebruikt wordt als achtergrond voor bordspellen is misschien wel Venetië. Rond de eeuwwisseling was er een kleine hausse rond dit thema (met als beste en bekendste voorbeeld San Marco), op de afgelopen twee spellenbeurzen werden er weer twee nieuwe titels aan toegevoegd. De meest recente heet simpelweg Venedig, zoals de stad in het Duits genoemd wordt. Op het bord staan vijf grote eilanden afgebeeld, met daartussen het scorespoor. Venetië bestaat nu nog grotendeels uit moeras, met een paar gebouwen. Doel van het spel is om het moeras te dempen en fraaie gebouwen te doen verrichten.

Het maken van gebouwen gebeurt met kaarten en doet wel enigszins aan Turmbau zu Babel denken. Voor ieder gebouw is een vast aantal kaarten nodig, maar je hebt maar heel zelden alle nodige kaarten op handen. Iedereen speelt in zijn eigen beurt kaarten uit. Bereik je daarmee het vereiste aantal, dan mag je deze beurt niet meer kaarten van die soort spelen. Het gebouw is nu klaar en wordt ergens op het bord geplaatst.

De speler die de meeste kaarten heeft gespeeld, of als eerste kaarten van dit gebouw speelde, is van dit gebouw de bouwmeester. Hij bepaalt waar het gebouw komt te staan en krijgt de volle punten. Alle andere deelnemende spelers krijgen de helft in punten.

Leuk bedacht is dat het scorespoor hier in het spel geïntegreerd is. Grenst je gondel op het scorespoor aan het eiland waar gebouwd wordt en doe je mee met de bouw, dan krijg je een schatfiche. Schatfiches zijn goudstukken waard, die je kunt inruilen tegen punten (in een verhouding 5:1). Omdat bezette velden op het scorespoor worden overgeslagen bij het krijgen van punten, kun je hiermee ineens een grote sprong maken.

Na het spelen van kaarten mag je twee moerasfiches nemen. Deze zijn soms ook een of twee goudstukken waard; bovendien creëer je zo ruimte voor toekomstige gebouwen.

Ten slotte mag je kaarten trekken. In principe trek je er een, maar je mag ook een kaart afleggen en er drie pakken. Afgelegde kaarten gaan naar een open rij, maar je mag alleen kaarten afleggen die nog niet in deze rij liggen.

Het spel eindigt als een speler zestig punten heeft of als alle gebouwen van een soort op zijn. Niet ingewisselde schatpunten worden nog omgezet in winstpunten. Wie de meeste punten heeft, wint.

... en de waardering

Venedig is een alleraardigst bouwspel, dat lekker wegspeelt. Met circa een uur duurt het niet al te lang en in die tijd zijn er genoeg interessante keuzes te maken. Het gaat dan vooral om de keuze van gebouwen waar je aan mee wilt bouwen en hoe je je hand zo beheert dat je altijd het maximum aantal kaarten in je hand hebt.
Helaas zit er een aantal onevenwichtigheden in het spel, die maken dat het spel toch geen topper is. Zo zijn de verschillende gebouwsoorten niet allemaal even interessant. Pleinen en bruggen leveren in het begin bijna niets op. Pas tegen het einde worden ze interessanter, maar dan is het spel al bijna weer voorbij. Basilieken en huizen zijn altijd goed, dus als je die kaarten veel trekt ben je spekkoper.
Bovendien gebeurt het met maar vijf gebouwsoorten nog wel eens dat je geen kaart uit je hand af kunt leggen, omdat alle soorten die je in je hand hebt al afgelegd zijn. Je kunt je daar nog wel een beetje tegen wapenen, maar heb je botte pech en gebeurt het te vaak, dan hang je.
Ten slotte zijn de goudstukken en de daarmee samenhangende integratie van het scorespoor met het speelbord een leuk idee, maar daar had meer mee gedaan kunnen worden.
Met wat extra ontwikkelwerk had Venedig misschien wel een echt goed spel kunnen worden, nu blijft het steken in middelmatigheid. Best leuk om te spelen, maar erg inwisselbaar met al die andere tientallen ‘best leuke’ spellen die we al hebben.


3 pionnen
Peter Hein

terug naar boven