startpagina terug naar Spel aan de Maas
Klik op de volgende regel op de eerste letter van het spel waar je naar zoekt.
1-9
Spelverslag van Boomtown

Sessies:

8 maart 2005
30 november 2004

8 maart 2005

Spelers: Helène, Peter Hein, Vincent en Willemien

Het andere spel in de tas van Peter Hein was Boomtown. Dit zag Willemien eerst niet zitten, maar ze was de beroerdste niet en wilde het best nog eens spelen. De regels zijn erg eenvoudig, dus was het snel genoeg uitgelegd.
De mijnen kwamen telkens redelijk gespreid in de veilingen. Daardoor kon iedereen zich richten op een bepaalde kleur: groen voor Vincent, geel voor Helène, blauw voor Willemien en rood voor Peter Hein. De paarse mijnen lieten nog op zich wachten, en werden anders wel opgeblazen.
Helène had de eerste beurten veel uitgegeven in de veilingen en kon daardoor een tijdje weinig uitrichten. Interessante kaarten als de saloon gingen dus aan haar neus voorbij. Toen Willemien haar saloon had uitgerust met enkele ‘meisjes’, die behoorlijk actief waren in het gele dorp was het tijd voor Helène om in te grijpen. Enkele mijnen van haar leverden zo weinig op, dat ze bij zou moeten betalen in de saloon van Willemien. Toen er weer dynamiet langskwam, ontstond er dus een stevige biedoorlog tussen Helène, die de saloon wilde slopen, en Willemien, die haar melkkoe graag wilde houden. Uiteindelijk moest Willemien diep in de buidel tasten, en besloot ze de saloon van Peter Hein op te blazen. Die had nog geen cent opgeleverd, maar bevond zich wel in Willemiens blauwe dorp.
Aan de andere kant van de tafel bleek Vincent wel van een gokje te houden. Hij kocht twee mijnen die op instorten stonden, maar wel veel opleverden. Omdat hij in een andere mijn ook nog een extra rijke ader had aangeboord, leverde een worp van ‘6’ hem telkens vijftien goudstukken op. De ‘6’ werd vervolgens nog vier keer gegooid, wat hem bijna net zoveel punten opleverde als de eindscores van Peter Hein en Willemien. Bovendien wilden zijn mijnen maar niet instorten en telden deze goudmijntjes ook aan het einde nog mee voor punten. De laatste paar rondes hoefde hij zich dus ook niet meer bijzonder in te spannen en haalde zonder veel moeite de winst binnen.
Willemien vond de geluksfactor te groot naar haar zin, en gaf het spel een slechte waardering. Een volgende keer zit er voor haar dus niet meer in. De anderen vonden het nog wel leuk, en waren iets milder gestemd.

Uitslag: Vincent 130, Helène 99, Peter Hein 81, Willemien 63
Waardering: Vincent 3½, Helène en Peter Hein 3, Willemien 1½

30 november 2004

Spelers: Bas, Dirk Jan, Peter Hein en Willemien

Om half elf werd er nog een rondje thee geschonken en dat betekende nog één laatste spel. Helen en Wendy hielden het voor gezien, de anderen begonnen met een spelletje Boomtown. Volgens de doos duurt dit 30+ minuten. Achteraf bleek dat die plus ruim geïnterpreteerd moest worden.
Boomtown is een lollig biedspelletje van de twee Bruno’s (Faidutti en Cathala). De spelers bieden op mijnconcessies in het Wilde Westen. Af en toe komen er ook actiekaarten langs waar je op kunt bieden, zoals dynamiet (om andermans mijn op te blazen) of een saloon, om van andermans winst te profiteren. De mijnen hebben allemaal een verschillende opbrengst. Die opbrengst wordt geregeld met een wel zeer bekend systeem, dat echter in maar een ander spel voorkomt: je gooit met twee dobbelstenen, en alle mijnen waar het gegooide getal opstaat produceren goud. Met het goud kun je vervolgens weer bieden. Bovendien is ieder goudstuk een punt waard. Heb je meerdere mijnen in dezelfde kleur dan heb je de langste handelsroute, pardon, de burgemeesterspost in die kleur.
Bas is naar eigen zeggen altijd erg zuinig met biedspellen, en dit potje was geen uitzondering. Dat was vooral voor Dirk Jan vervelend. Hij zat rechts van Bas, en door diens zuinigheid kwam er weinig geld zijn kant op. Peter Hein en Willemien daarentegen brachten regelmatig een hoog bod uit. Hierdoor groeide Bas’geldvoorraad aanzienlijk. Bovendien had hij redelijk gespreide opbrengsten uit de mijnen, zodat hij bijna altijd wel wat kreeg.
Doordat de paarse mijnen al vrij vroeg in het spel allemaal langs waren gekomen, werden beide saloons in het paarse dorp gebouwd. De uitbaters waren Dirk Jan en Willemien. Omdat Bas veruit de meeste paarse mijnen had, moest hij regelmatig zijn volledige opbrengst aan Dirk Jan en Willemien afstaan, en soms zelfs meer. Maar omdat hij verder nauwelijks iets uitgaf was dit geen probleem.
Tegen het einde van het spel leverden de mijnen van Dirk Jan dan eindelijk goud op, en behoorlijk ook. Zijn cashprobleem was helemaal over, waardoor hij zich goed in de biedstrijd kon mengen. Dit ging vooral ten koste van Peter Hein en Willemien, die zich genoodzaakt zagen nog meer te bieden. Het alternatief was achter in de keuzevolgorde te zitten en de burgermeesters (en dus punten) kwijt te raken. 
Bas’ positie was onbedreigd, dus hij kon rustig afwachten en passen in de veiling. Zijn stapel goudfiches groeide alleen maar, zodat het niet als een verrassing kwam dat hij uiteindelijk ruim gewonnen bleek te hebben. De andere drie spelers zaten nog verrassend dicht op elkaar. 
Iedereen vond het een aardig spel, al zal Bas nooit een groot liefhebber worden van biedspellen.

Uitslag: Bas 105, Peter Hein 81, Willemien 77, Dirk Jan 72
Waardering: Dirk Jan, Peter Hein en Willemien 3, Bas 2½

terug naar boven