Spiel 2026 zit er weer op. We raken er inmiddels aan gewend dat de beurs uitverkocht raakt. Eerst zijn de kaarten voor de zaterdag weg, de kaarten voor de donderdag en vrijdag volgen niet lang daarna en ergens op de zondag wordt ook de laatste kaart voor die dag zelf verkocht. En dat betekent dat de beurs dit jaar het onvoorstelbare aantal van 230.000 bezoekers heeft getrokken (waarbij mensen die meerdere dagen gaan, iedere dag als een nieuwe bezoeker tellen). En dat is een nieuw record.
Een ander nieuw record is dat de beurs nooit eerder zo groot was. Dit jaar werden voor het eerst alle zalen van het complex gebruikt. Het vloeroppervlak was dus groter dan ooit om de 997 standhouders uit 53 verschillende landen een plek te bieden. En dat kostte de organisatie weinig moeite. In het slotpersbericht van de organisatie laat managing director Carol Rapp namelijk weten dat er een wachtlijst was van exposanten die ook nog graag een stand hadden willen hebben op de beurs, maar die achter het net hadden gevist.
Je zou nu kunnen denken dat Spiel op zoek zou gaan naar een groter beursgebouw (zoals bijvoorbeeld in Düsseldorf) om aan de toegenomen vraag te voldoen. Maar dit is volgens Carol Rapp niet het geval. Spiel is Essen en Essen is Spiel en er zijn geen plannen om daar verandering in aan te brengen. Ik snap dat wel, maar kan me tegelijkertijd niet voorstellen dat het niet heel aanlokkelijk is om toch op een gegeven moment te verkassen naar een groter beursgebouw omdat de beurs uit zijn oude jasje is gegroeid. De toekomst zal het uitwijzen. Volgend jaar kunnen we ons van 21 tot en met 24 oktober in ieder geval nog een keer als vanouds in Essen melden voor de volgende editie van Spiel. Voor mij wordt dat een bijzondere editie, het gaat namelijk mijn 25e bezoek zijn.
Maar terug naar dit jaar. Tijdens Spiel latten (living apart together, voor wie de term niet kent) wij Spellengekken altijd een beetje. Roger was traditiegetrouw op stap met zijn Spiel-buddy Frank. Peter Hein bezocht de beurs met zijn dochters en aanhang. En ik vormde met Wendy en Anton een trio. De drie groepen sliepen allemaal op andere plaatsen, liepen overdag los van elkaar op de beurs, maar we hielden via Signal de hele dag contact met elkaar om ervaringen uit te wisselen. En na de beurs aten we gezellig samen. Ondanks dat we allemaal onze eigen weg gaan, voelt het toch altijd heel erg of we een groot team zijn. Ik geniet daar erg van.


Anton, Wendy en ik zijn op woensdag naar Essen gereisd. We zijn de eerste avond gezellig bij een pizzeria in Oberhausen gaan eten. De pizza’s zijn daar zo groot dat ze ver over je bord heen hangen. We zaten aan een klein rond tafeltje en we moesten onze pizzaranden laten overlappen omdat er niet genoeg ruimte was. De pizza’s smaakten goed, maar gingen niet op. Op de eerste avond hebben we in de lounge van ons hotel nog een potje Fishing 2 gedaan (die had ik al in Nederland gekocht). En daarna doken we ons bed in, want de volgende ochtend wilden we op tijd vertrekken.
Het is altijd een beetje een gok hoe vroeg je weg moet gaan naar de beurs. Vanuit ons hotel was het ongeveer twintig minuten rijden. Met onze perskaarten mogen we voor de deur parkeren en mogen we om half tien naar binnen toe. Je zou dan zeggen dat je om negen uur rustig kan vertrekken. Maar de ervaring leert dat het verkeer rondom de beurs muurvast kan komen te staan waardoor je zo een uur over de laatste kilometer kan doen. Dat is ons in het verleden te vaak overkomen en dus gaan wij ruim op tijd weg (om acht uur in de auto) zodat we vlot naar de beurs kunnen rijden. Anton gaat dan nog een rondje lopen en Wendy en ik kletsen wat in de auto en checken nog even het laatste nieuws op onze telefoons. Zo rond kwart over negen liepen we dan naar de persingang om daar aan te sluiten in de rij. Met Duitse pünktlichkeit moesten we dan tot 9:30 wachten (geen seconde eerder) en dan mochten we de vloer op. Natuurlijk maakten we dan eerst nog even een sanitaire stop omdat dit het enige moment op de dag was dat je niet enorm in de rij hoeft voor het toilet.
En daarna zochten we een stand op waar we wilden gaan spelen. De eerste dag begonnen we bij Kosmos omdat we benieuwd waren naar het grote Fourth Wing spel dat daar was uitgekomen. Ik zal in een later blogje mijn eerste indrukken van de spellen die we gespeeld hebben met jullie delen. De tweede dag wilde ik heel graag Aqua Garden doen. Tot mijn grote teleurstelling was daar alleen geen demo-exemplaar van aanwezig. Omdat ik me zo op het spel verheugd had (het ziet er zo mooi uit) heb ik het later op de dag maar blind gekocht. En omdat ik ernstig last van FOMO heb, heb ik er meteen twee uitbreidingen bij gedaan (van de vijf, dus ik vind dat ik me nog ingehouden heb). De klok kroop toen al akelig dicht richting de tien uur (als de grote massa’s de beurs bestormen) en dus moesten we snel een ander spel vinden. De stand van Onsen was gelukkig dichtbij en daar was nog een tafeltje vrij dus we zijn daar snel aangeschoven. Op de laatste dag zijn we begonnen bij Ravensburger omdat we graag Horrified Dungeons & Dragens: Ravenloft wilden doen. Daar schoof bij ons Dieter (uit Duitsland) aan. Hij vertelde dat het zijn veertigste bezoek aan Spiel was. Voordat Spiel in het beursgebouw werd gehouden zijn nog drie edities in een schoolgebouw geweest, die had hij gemist, maar vanaf het moment dat Spiel in het beursgebouw in Essen werd georganiseerd, was hij van de partij geweest. Ik voel me met mijn vierentwintig bezoeken al een veteraan, maar ben in vergelijking met hem nog echt een beginner.
Na afloop van het eerste potje van de dag keken we dan waar we daarna konden gaan spelen. Bij Kosmos en Ravensburger werken ze met een leen-systeem waar je als je een tafeltje hebt, meerdere spellen achter elkaar kan doen. Je brengt het spel dat je dan gespeeld hebt weer terug naar de uitleenbalie en vraagt daar een ander spel mee. Vooral bij Kosmos hebben we daar dankbaar gebruik van gemaakt. Maar bij Onsen was er verder niets te spelen en dan moet je dus op zoek naar wat anders. Ik had van te voren een lijst gemaakt met spellen die ik leuk vond, maar het was zo druk op de beurs dat ik al heel snel besloot me daar niet te veel van aan te trekken. Ik trek het niet zo goed meer om me door de mensenmassa’s te worstelen en te jagen op dat ene plekje bij dat ene interessante spel. We zijn dus vaak maar gewoon gaan spelen waar we een plekje zagen. Ik heb daardoor negentien potjes gespeeld op de beurs. En daar zaten zelfs een aantal spellen tussen die ik al kende, maar die wel nieuw waren voor Anton en/of Wendy. Als je aan een tafel zit, dan lukt het me heel goed om me af te sluiten voor alle herrie en drukte, maar zodra je gaat lopen ben je echt onderdeel van de heksenketel die Spiel is. Soms vraag ik me af of zo langzamerhand niet te oud begin te worden voor de beurs en mijn plekje moet gaan afstaan aan jongere mensen.


Maar de spellen zijn maar de helft van wat Spiel zo leuk maakt. De andere helft zijn de mensen. Ik kwam iedere dag bekenden tegen. Ik vond het vooral leuk om te zien hoeveel mensen van All Games on Deck op beurs rondliepen. Ik vind het leuk om op zo’n moment ervaringen uit te wisselen. En dat is ook een goede manier om tips te krijgen voor welke spellen extra de moeite waard zijn om uit te checken (of op de gok te kopen).


Zoals gezegd is de beurs elke dag uitverkocht en dus elke dag druk. Maar de dagen verschillen toch van elkaar. De donderdag was echt de hardcore spellenliefhebbers dag. En in die groep zitten toch nog net wat meer mannen dan vrouwen. Je zag op donderdag dus heel veel mannen alleen of in groepjes rondlopen. De donderdag is ook de dag dat sommige hardcore spellenliefhebbers zich helemaal suf shoppen omdat ze bang zijn anders achter het net te vissen. Je ziet dus veel mensen met grote tassen sjouwen. Ik heb even staan kijken bij de stand waar je je spellen met de post naar huis kan laten sturen (handige service voor mensen die van ver komen) en het was echt indrukwekkend wat voor grote dozen er al gevuld werden met vers gekochte spellen. Op de vrijdag is Spiel nog steeds het domein van de fanatieke veelspelers die bereid zijn om verlof op te nemen voor de beurs. Maar op de vrijdag zag ik daar wel wat meer vrouwen tussen zitten. Op zaterdag is het weekend begonnen en stromen de gezinnen de beursvloer op. Waar we op de donderdag en vrijdag hooguit af en toe een baby zagen, zag je op de zaterdag ineens hele gezinnen met kinderen van alle leeftijden rondlopen. Het was hierdoor een stuk drukker in de hallen met familiespellen (en het zal misschien iets rustiger zijn geweest in de hallen met de expertspellen, maar daar ben ik niet geweest dus ik kan er uit eigen ervaring niets over zeggen).
De sfeer op de beurs was als vanouds. Mensen zijn gekomen om een leuke dag te hebben. Tegenwoordig is het bijna eerder regel dan uitzondering dat een spel een solo-mode heeft, maar op Spiel gaat het oude motto “Komm, Spiel mit!” nog steeds op. Mensen beseffen zich dat het druk is en dat de plaatsen aan tafels schaars zijn en dus schuiven regelmatig mensen die elkaar nog nooit gezien hebben bij elkaar aan tafel aan. En dan maakt het ook niet uit als je niet dezelfde taal spreekt. Met Duits, Engels en desnoods wat handen en voeten kan je prima samen een spel spelen. Ik vind dat een van de charmes van Spiel. Veel standhouders zijn bovendien voorbereid op het internationale karakter van de beurs en nemen bewust uitleggers mee die verschillende talen spreken, waaronder soms zelfs Nederlands (zelfs bij niet Nederlandse uitgevers). We hebben dit jaar ook weinig echt slechte uitleggers getroffen en zelfs een paar hele goede. Dus dat was fijn.






Wat ook vanouds was waren de rijen voor de toiletten. Het verbaasd me eigenlijk echt dat er niet meer wc’s zijn op de beurs. Op een gegeven moment was er ook nog een damestoilet buiten werking (ik zal jullie de details besparen), maar daardoor waren de rijen in de aangrenzende zalen nog langer. Een geluk bij een ongeluk is het dan dat ik op Spiel vaak zo druk ben dat ik vergeet te eten en drinken en daardoor hoef ik niet zo vaak. De toiletten zagen er gelukkig wel redelijk netjes uit, dus dat is dan gelet op de enorme drukte, dubbel zo knap.
Behalve spelen, is Spiel ook een plek om te kopen. Naast uitgevers die hun eigen spellen aan de man proberen te brengen, zijn er een aantal winkels waar je spellen van meerdere uitgevers kan kopen. En er zijn ook nog steeds wel wat koopjes te vinden op de beurs, al worden die wel ieder jaar schaarser. De prijzen van de recente releases liggen onveranderd hoog. Waar je vijftien jaar geleden nog veel introductieprijzen zag, zie je nu dat in de regel de volle mep wordt gevraagd. Veel spellen kan je al snel na de beurs goedkoper online of bij je plaatselijke spellenwinkel aanschaffen. Maar die kennis houdt de shoplustigen niet tegen. Je wilt niet met lege handen thuis komen en bovenop alle kosten die je toch al maakt, maken die net wat hogere prijzen ook niet meer zo veel uit. En van sommige spellen weet je ook niet van te voren of je ze buiten de beurs kan kopen (denk aan spellen van Aziatische uitgevers). Ik had wel het idee dat uitgevers beter voorbereid waren op de hordes koopzieke spellengekken die hun stands zouden gaan bestormen. Ik zag minder “Ausverkauft” bordjes en las ook online minder verhalen van teleurgestelde kopers. Natuurlijk waren er wel wat spellen snel uitverkocht, maar het was niet zo erg als in de afgelopen jaren.
Ook ik ben niet met lege handen thuis gekomen. Ik eindig dit verslag dan ook met mijn traditionele loot-pic. In een volgend blogje zal ik mijn eerste indrukken delen van de spellen die ik op Spiel heb gedaan.












Leuk verslag !
Dank je wel!