2026 komt wat minder goed uit de startblokken dan 2025. Ook in maart speelde ik weer een stuk minder spellen dan een jaar geleden. 44 potjes in totaal, waaronder vier nieuwe spellen. Van Gatsby schreef ik al een recensie, dus die sla ik hier verder over.

Alle nieuwe spellen die ik deed vallen in de categorie ‘best leuk om te doen’. Geen uitschieters, maar ik speelde ze allemaal met plezier. Als ik er dan toch eentje uit moet kiezen als leukste, dan ga ik voor Skipp. Dit spel gaat al een paar jaartjes mee, maar ik kende het niet. Via vrienden leerde ik er kennis mee maken, al duurde het even voor het echt op tafel kwam. Dat viel absoluut niet tegen. Het is een modern abstract spel zoals bijvoorbeeld Yinsh. Veel van dat soort spellen hebben wel iets gemeen met bestaande spellen, en in het geval van Skipp lijkt dammen een inspiratie geweest te zijn. Ook hier plaats je je stenen naar voren, met als doel de achterlijn te bereiken. Hier heb je dan wel direct gewonnen. Het slaan van stukken van de tegenstander speelt een bescheiden rol. Je kunt er zelfs sterker uitkomen als je een stuk van jezelf laat staan, omdat dit de weg vrijmaakt voor je andere stenen om op te rukken. Skipp is vooral leuk omdat je altijd naar voren moet. Geen eindeloos geschuif zoals in dammen, dat vaak in remise eindigt. Skipp beloont actie, en daar houd ik in dit genre wel van. Het jarenzeventiguiterlijk neem ik even voor lief.

Endless Winter: Paleoamericans is een stevige werkverschaffer met veel kaarten en denktijd. Die tijd was alleen geen straf, want er zijn veel mogelijkheden en wegen naar de overwinning. Of naar verlies, zoals in mijn geval. De eerste potjes zijn wel wat topzwaar, omdat er wel erg veel bewegende delen in zitten. Met twee spelers ben je zo twee uurtjes zoet, maar die verveelden niet. Tegen een vervolgpotje zeg ik geen nee.

Kingdom Crossing stond op mijn longlist voor Spiel om te proberen, maar is er toen niet van gekomen. Gelukkig kocht Roger het onlangs en kreeg ik alsnog een kans. Het spelidee is gebaseerd op het wiskundige vraagstuk van de zeven bruggen van Königsberg. Hier kruip je alleen jammer genoeg niet in de huid van een Duitse wiskundige, maar heel modern in een bosdier dat over de zeven bruggen loopt om kaarten op te pikken die allemaal voordeeltjes, inkomen en uiteindelijk punten opleveren. Het uiterlijk oogt erg schattig, het spel zelf is een pittige puzzel waar je soms wel eventjes moet rekenen om je route zo efficiënt mogelijk te plannen. Is het uiteindelijk toch een wiskundig vraagstuk, en voor mij is dat een pre.

Veel nieuwe spellen kwamen er dus niet op tafel, maar wel een oude favoriet die ik al veel te lang niet had gespeeld: Space Hulk. Voor mij lang geleden, voor mijn tegenstander het eerste potje, dus maar gewoon weer het eerste scenario weer gespeeld. Dat voelde precies zo claustrofobisch als ik me herinner, en het was weer ouderwets genieten. Hoewel de Genestealers in dit scenario in het voordeel zijn, zijn de Space Marines niet kansloos. Dankzij wat gelukkige worpen, succesvolle overwatch en net iets te afwachtende Genestealers werd de controlekamer net op tijd door vuur verzwolgen. Ik heb nu al zin in de herkansing.

Thuis speel ik vooral veel kortere spelletjes zoals Pondscape, maar behalve de hier al genoemde spellen kwamen er ook wat langere spellen langs. Dune: Imperium en Wondrous Creatures blijven toch echt leuk om te doen. Ja, er zit veel geluk in met de kaarten die langskomen, maar daar worden ze niet minder onderhoudend van. Ik werd ook weer ook mijn leeftijd gewezen, want het was me altijd ontgaan dat de namen en afbeeldingen van de wezentjes in Wondrous Creatures allemaal wel erg veel op de monstertjes in Pokémon lijken.
