2-4 spelers
90-180 minuten
Auteur: Renato Ciervo en Andrea Robbiani
Uitgever: DSV Games (2026)
Het spel…
“Dieren zijn precies als mensen. Met dezelfde mensenwensen en dezelfde mensenstreken.” En dus zijn er talloze spellen rondom dieren met mensengedrag zoals het verzamelen van grondstoffen, het maken van gebouwen en soms tegen elkaar ten strijde trekken. Meestal ogen de dieren snoezig, zoals in Root of Everdell. De hoofdrolspelers in Mieren van Mirmar zijn minder knuffelbaar, voor de rest passen ze zo in de trend.
Hier is het doel om de beste mierenkolonie op te bouwen, uiteraard afgemeten in punten. Je doet dat door je nest uit te bouwen, dat in te richten met kamers, vervelende beesten te bestrijden en feromonen achter te laten.

In je beurt kun je mieren aan het werk zetten of kaarten uit je hand spelen. Mieren heb je in drie soorten: gravers, verkenners en foerageerders, weergegeven met schijfjes. Hoe meer schijfjes je hebt, des te sterker de actie. Graven doe je in je eigen hoop, verkennen en foerageren op het algemene bord. Daar valt voedsel te vinden om je larven te voeden en blaadjes om kaarten te kunnen spelen. Ook kun je daar andere dieren verslaan en feromonen verspreiden.
Als je geen mieren meer hebt of kaarten kunt spelen is het tijd voor de broedactie. Je larven worden groot, eitjes worden larven en je legt nieuwe eitjes die ooit mieren zullen worden en dus hard werken.
De kaarten leveren je allerlei voordelen op en natuurlijk punten. Maar de meeste punten scoor je voor het bereiken van bepaalde mijlpalen, zoals het achterlaten van feromonen en het uitgraven van je mierenhoop. Als de spelers samen een bepaald aantal mijlpalen hebben bereikt gaat het spel de laatste ronde in en wint de speler met de meeste punten.


…en de waardering
In Mieren van Mirmar is zoveel te doen dat je in je eerste potje vooral aanrommelt. Je wilt kamers bouwen en blaadjes verzamelen om leuke kaarten te spelen, maar daarvoor moet je wel mieren hebben en dus hongerige larven die voedsel nodig hebben. In het begin lijkt dat allemaal erg traag te gaan, totdat het spel ineens in een versnelling schiet en afgelopen is terwijl je nog allemaal plannen had. Tegen die tijd begint het kwartje langzaam te vallen en heb je al ideeën hoe je de volgende keer alles beter gaat plannen.
Wat er op het gezamenlijke bord gebeurt is net zo belangrijk als wat je in je eigen mierenhoop doet. Want daar verzamel je kostbare grondstoffen en verdien je beloningen met verkennen en vijanden verslaan. Dat maakt het interactiever dan de meeste tableauspellen.
Om dat te ontdekken heb je veel zitvlees nodig. Je eerste potje duurt zo een paar uur, zeker met meer spelers. En je hebt wel een paar potjes nodig om de potentie van het spel te ontdekken. Door die hoge instap is het niet voor iedereen geschikt, maar als je van dit soort spellen houdt valt er genoeg te genieten.

