Gespeeld: april 2022 (Peter Hein)

Geplaatst door

Dat corona nu echt (voorlopig) voorbij is, kan ik goed in mijn speelstatistieken zien. Maar liefst 72 keer kwam er een spel op tafel, een aantal dat ik normaal alleen in de Spielmaand haal. Dat getal is een tikje geflatteerd door een Magic-event waarbij ik zeventien keer met mana aan het rotzooien was, maar twee spellendagen zorgden ervoor dat ik zelfs elf nieuwe spellen speelde. Van Codex Naturalis en Sobek: 2 spelers heb ik al een recensie geschreven, dus die zal ik hier verder niet behandelen.

Veel van de spellen die ik voor het eerst deed varieerden van leuk tot erg leuk, een favoriet kiezen was dus niet heel makkelijk. Toch ga ik voor Gaia Project. Voor wie mijn smaak een beetje kent is dat misschien een wat verrassende keuze, en tot een halfjaar geleden had ik dat zelf ook niet heel waarschijnlijk gevonden. Gaia Project is namelijk een wat complexere versie van het toch al niet toegankelijke Terra Mystica, dat ik maar zo-zo vond. Veel gedoe en complexiteit zonder veel samenhang (in mijn ogen dan). Vooral het bord met de cultsporen vond ik altijd wat wonderlijk, omdat het weinig leek toe te voegen aan het spel. In Gaia Project zijn de cultsporen vervangen door zes technologiesporen. Die voegen niet alleen iets toe, ze zijn een essentieel onderdeel van het spel geworden. Iedere stap op een spoor levert een voordeel op, zoals extra inkomsten, speciale grondstoffen of betere mogelijkheden.

De andere onderdelen van het spel voelen erg vertrouwd voor iedereen die Terra Mystica kent. Nog steeds speelt iedereen met een eigen volk met speciale eigenschappen, die allemaal verschillende thuiswerelden hebben. Met veertien verschillende volkeren en een variabel speelbord zijn geen twee potjes hetzelfde. Dit is weer een spel dat ik dankzij BGA heb leren kennen en vervolgens zelf heb aangeschaft. In het echt blijkt het nog veel leuker, al is het een lange zit.

De andere nieuwe spellen behandel ik weer in aflopende volgorde van speelplezier, al is die niet heel precies en vallen er geen rechten aan te ontlenen.

Nu mijn kinderen al (veel te) lang niet klein meer zijn, speel ik nog zelden een kinderspel. De kinderversie van Ticket to Ride bestaat alweer een jaar of vijf, maar toen waren ze al oud genoeg voor het echte werk. Dankzij mijn neefje van zeven speelde ik Ticket to Ride: Mijn eerste reis voor het eerst en dat was verrassend leuk. Alles wat Ticket to Ride nog een beetje ingewikkeld maakt is er uitgefilterd en dan houd je nog steeds een onderhoudend spel over. De kaart van Europa is wat ingekrompen en dankzij heldere plaatjes zijn de afzonderlijke steden ook makkelijk te vinden voor hen die nog niet zo goed kunnen lezen. Kaartjes trek je gewoon van de stapel, als je een ticket afhebt leg je die open voor je neer en trek je direct een nieuwe. De eerste die zes tickets heeft voltooid wint. Dit is echt een ideaal kinderspel voor spellengekken om met hun kinderen te doen, en misschien ook wel met (groot)ouders die niet zo vaak een spelletje spelen…

Zoals Dagmar al schreef had ik Honey Buzz op de gok gekocht. Ik probeer dat niet meer te doen, maar af en toe gebeurt het toch. Ik had dit vorig jaar bij Spiel al op mijn vizier, maar daar was alleen een inkijkexemplaar aanwezig. Maar door de fantastische looks (waar sommigen in mijn omgeving wel gevoelig voor zijn) en de redelijk goede ontvangst durfde ik het aan. Honey Buzz is een echt puzzel- en optimalisatiespel waarbij je grotendeels je eigen gang gaat, maar niet helemaal gespeend van interactie. Die zit er vooral in dat anderen net die ene nectartegel voor je neus wegkapen of de actie kiezen die jij ook wilde, waardoor deze voor jou weer duurder wordt. Veel beurten zijn heel kort, maar soms activeer je in een klap veel acties en duurt het even voor het spel verder gaat. Ik heb me er prima mee vermaakt. Daar speelt misschien het vooroordeel van de recente aanschaf mee, maar ik twijfel er niet aan dat dit nog wel vaker op tafel zal verschijnen. Het lijkt in ieder geval erg geschikt voor twee.

Een ander stevig nieuw spel was Merv: The Heart of the Silk Road. De eerste keer dat ik het speelde dacht ik -net als Dagmar- dat er geen eind aan de regeluitleg zou komen. Al die verschillende gebouwen met hun verschillende acties en bonussen, speciale kaarten, puntentellingen en weet ik wat nog meer. Je wordt echt murw geslagen (sorry). Maar eenmaal bezig ontvouwt zich een listig spel. Je hebt slechts twaalf beurten, maar daarin valt toch een hoop te kiezen en over na te denken. Beide potjes die ik speelde verliepen heel anders en smaken nog steeds naar meer.

Met Cascadia maakte ik kennis tijdens een spellenavond van de Spellenwinkel, waar het een van de uitgelichte spellen van de avond was. Dat betekende dat ik het met korting kon kopen op een toch al aantrekkelijke prijs (wat achteraf vast een foutje was). Cascadia is een soepel tegellegspelletje met een hoog puzzelgehalte. Niet voor niets wordt het vaak met Calico vergeleken en dat was ook direct het spel waar ik het mee associeerde. Sommige mensen noemen dit een complexere versie van Calico, zelf vind ik dit stukken simpeler. Bij Calico ben ik voortdurend bezig met welke tegels ik waar moet zien te krijgen, hier moet je het maar doen met wat er beschikbaar is. Het ingewikkeldst zijn de afzonderlijke puntenkaarten, die in veel gevallen niet direct duidelijk zijn. Het verbaast me niet dat op BGG over bijna elke afzonderlijke puntenkaart een regelvraag is. Ik weet niet of ik Cascadia ook had gekocht als het helemaal aan mezelf had gelegen, maar mijn vrouw is werkelijk dol op dit soort spelletjes. En ik koop liever een leuk spel dat ik vaak spel dan een fantastisch spel dat eens in de vijf jaar op tafel komt.

Een late verrassing in de maand was Wink. Dit blijkt een al wat ouder spel te zijn dat in een nieuw jasje is gestoken. Wink is een vlot partyspel waarbij de spelers om beurten een openliggende kaart op tafel aanwijzen, waarna de speler die het andere exemplaar van die kaart een signaal moet geven dat zij die kaart heeft. Zo onopvallend mogelijk, want als iemand anders je betrapt gaat die er met de punten vandoor. Officieel moet je knipogen, maar de regels geven zelf al aan dat je ook zelf iets af mag spreken. Dus werd er veel onder de tafel geschopt, een veelbetekenende blik uitgewisseld of vooral straal genegeerd (in mijn geval).

Voor de fans van wedspellen met een stevig gelukselement is er Long Shot: The Dice Game. Ik dacht even met een roll & write met racethema te maken te hebben, maar Long Shot is toch een stukje complexer dan dat, en echt roll & write is het ook niet. De geluksfactor is zeker aanwezig, maar door het handig aanvinken van bonussen kun je toch aardig manipuleren en meeliften met het succes van anderen. Best leuk om te doen, maar in dit genre geef ik toch de voorkeur aan het strakkere Royal Turf.

Nog een mij volstrekt onbekend spel was Lost Seas. Dit is een tegellegspel waarbij je eerst acht scoretegels neerlegt: vier die de rijen vormen en vier voor de kolommen. Daarna pak je om beurten tegels met symbolen die passen bij de scoretegels, als je geluk hebt. In de ene kolom wil je precies zes zeemonsters, maar in een van de kolommen mogen dan weer niet van die kraken voorkomen. Best een aardige puzzel, maar niet direct een die ik zelf zou willen.

Er zijn al zo veel biedspellen, dat het lastig is om iets nieuws te bedenken. Dat is met Furnace gelukt. Elke speler heeft vier biedschijven met waardes van 1 tot en met 4. Deze leg je op de kaarten die je wilt hebben om in jouw economische motor te plaatsen. Maar elke kaart heeft naast zijn eigen werking ook een compensatie, die gaat naar de spelers die de kaart niet weten te krijgen. Word je 3 dus overboden met een 4, dan krijg jij drie keer de compensatie uitgekeerd. Vaak bied je dus op kaarten die je niet hoeft, maar die een interessante compensatie bieden. De rest van het spel is een bekende motor waarbij je de ene grondstof omzet in de andere, die dan weer in bepaalde combinaties punten oplevert. Dat vond ik een beetje een hoofdpijngedeelte, daar moeten ze nog iets op bedenken.

Eén reactie

  1. Eindelijk ging je eraan geloven. Gaia Project. Een van onze eigen absolute favorieten voor anderhalf uur keihard denkplezier voor twee. Als je alleen de betaversie van deze oneindige grootheid op spellengebied hebt gespeeld, kan ik me de lange twijfel wel voorstellen trouwens.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.