Maandoverzicht: februari 2022 (Dagmar)

Geplaatst door

En toen zat de laatste officiële wintermaand er al weer op! Ik vind het heel fijn dat de dagen langer worden en dat het op mooie dagen met jas aan, uit de wind en in de zon al goed toeven is in de tuin. Hopelijk duurt het niet lang meer voor de jas ook niet meer nodig is.

Verder werden de afgelopen maand de corona-maatregelen gelukkig in rap tempo afgebouwd. En dat is natuurlijk om heel veel redenen heel fijn, maar ook omdat dat betekende dat ik weer met mijn collega’s af kon spreken om met veel plezier verder te spelen met Pandemic Legacy Season 0. Ik zal niets verklappen over het avontuur dat we beleven, behalve dat het erg leuk is. Ik vind het echter wel in de categorie “isn’t it ironic” vallen dat ik blij was dat in deze versie geen ziekte centraal stond omdat dat even te actueel was, maar in plaats daarvan de strijd tussen het westen en de communisten in de koude oorlog maar dat dat inmiddels ook akelig actueel is geworden. Misschien moeten we Matt Leacock vragen alleen nog maar spellen met vriendelijke/vrolijke thema’s te maken gelet op zijn voorspellende gaven voor  rampzalige gebeurtenissen.  

Deze maand was ik ook nog steeds bezig om mijn List of Shame te verkleinen. En dat lukte weer. Er verdwenen 9 spellen (vooral uitbreidingen) van mijn lijst en er staan er nu nog 21 op. Daarvan zijn er nog flink wat die ik zeker gespeeld ga krijgen, maar over sommigen maak ik me toch wat zorgen (vooral de Catan-uitbreidingen worden lastig). Naast de List of Shame spellen, speelde ik ook nog twee andere spellen voor het eerst.

Het eerste nieuwe spel daarvan is ook meteen het leukste spel dat ik deze maand speelde, namelijk Cascadia. Ik had deze op Spiel willen kopen, maar het spel was op de eerste dag al uitverkocht en dus viste ik achter het net. Mijn spellenvriendin Saskia had meer gelukt, die vond dit spel in haar lokale spellenwinkel. Cascadia is de opvolger van Calico. Het spel komt niet alleen uit bij dezelfde uitgever in hetzelfde formaat doos, maar heeft ook inhoudelijk raakvlakken. In Cascadia bouw je een woest landschap waarin wilde beesten wonen (The Cascadian Mountains is een gebergte dat zich in een strook uitstrekt langs de westkust van Amerika). Je begint met een stukje van drie tegels. Ieder beurt mag je één van de vier setjes van een nieuwe tegel met een dier kiezen en deze plaatsen. Dieren moeten natuurlijk op het juiste leefgebied worden geplaatst. Op deze manier bouw je een landschap dat aan het eind van het spel gewaardeerd wordt. Je krijgt allereerst voor elk type landschap net zo veel punten als het grootste gebied in die soort (en de speler die overall voor ieder type het grootste landschap heeft krijgt nog twee bonuspunten). En daarnaast leveren de dieren allemaal op hun eigen manier punten op (het wisselt bovendien per potje hoe ze gewaardeerd worden). Voor de beren kregen we bijvoorbeeld 10 punten als ze een groepje van exact drie beren vormden en de vissen leverden punten op als je ze in een rij wist neer te leggen. De speler met de meeste punten wint natuurlijk het spel.

Cascadia heeft me heel aangenaam verrast. Toen ik ooit de omschrijving van dit spel las op Kickstarter leek het me een weinig vernieuwend spelletje en heb ik het spel niet gebacked. Maar daar heb ik nu wel een beetje spijt van. Dit is namelijk echt een leuk puzzelspelletje waarbij je meerdere doelen tegelijkertijd nastreeft (grote gebieden, beesten op een bepaalde manier), net als je dat in Calico doet. Cascadia is denk ik nog net iets pittiger en daardoor uitdagender dan Callico. Het is wat mij betreft dan ook goed nieuws dat deze later dit jaar bij White Gobin Games uitkomt.

Het tweede spel dat Saskia in haar tas had zitten toen ze langs kwam voor een spellendagje was Bad Company. In dit spel begeef je je op het slechte pad. Je vertegenwoordigd een criminele bende die zijn leden louche kraken laat uitvoeren. De kraken staan op kaarten en bestaan uit bepaalde symbolen die je moet bedekken. Om de beurt gooien de spelers met vier dobbelstenen en maken hier twee setjes van twee dobbelstenen van (net als bij Can’t stop). De actieve speler activeert vervolgens beide crimi’s met het bijbehorende nummer en de andere spelers mogen één crimi (met het juiste nummer) activeren. Zij dragen vervolgens met hun unieke vaardigheden (symbolen) bij aan het zetten van de kraak. Zodra alle symbolen van een kraak-kaart zijn bedekt, is de kraak geslaagd en levert hij punten op. Behalve werken aan een kraak, kan je ook rondscheuren met een vluchtauto (een ander symbool) en hiermee kan je geld of kluisjes winnen. Het is altijd een verrassing wat er in een kluis zit, maar nooit een negatieve want het is altijd iets leuks. Het geld kan je gebruiken om je crimi’s een upgrade te geven (dan worden ze meer punten waard en hebben ze twee symbolen in plaats van één). Het spel kan op verschillende manieren eindigen (iemand heeft zes kraken voltooid, de vluchtauto is bij de finish) en wie dan de meeste punten heeft, wint het spel.

Ik vond Bad Company ok, maar niet heel geweldig. Het fijne van dit spel is dat je elke ronde iets mag doen, zelfs als je niet aan de beurt bent. Daardoor speelt het spel prettig snel weg en ben je de hele tijd betrokken. Maar ik vond wat je vervolgens deed een beetje repetitief. Vaak spreekt het wel voor zich wat het beste is om te doen en dat doe je dan. Ik denk dat het best leuk is om dit met wat oudere kinderen te spelen, maar voor mij was het het net niet.

En dan zijn we nu toe aan de spellen die ik deze maand van mijn List of Shame heb weten te halen. Op mijn lijst stonden zelfs twee uitbreidingen voor Rattus, namelijk de promo-tegels voor Spiel 2010 en Pied Piper (Rattenvanger van Hamelen). Beide bestaan uit een stapel nieuwe personenkaarten die je kan gebruiken in plaats van de personenkaarten die in het basisspel zitten. Op deze manier worden nieuwe speciale acties geïntroduceerd die de eigenaar van de kaart mag gebruiken. Het spel blijft verder hetzelfde, maar je krijgt meer variatie.

Dit zijn het soort uitbreidingen waar ik blij van word: meer van hetzelfde waardoor je meer variatie krijgt zonder dat er complexiteit wordt toegevoegd. De Pied Piper kaarten bevatten nieuwe karakters (non, soldaat, keizer en bakker bijvoorbeeld), die telkens weer net een nieuwe twist geven door hun unieke speciale eigenschappen. De kaarten voor de Spiel-uitbreiding doen dat ook, maar hebben daarbovenop nog een extra vleugje thema gekregen doordat er (fictieve) personen op staan. Zo kan Jeane d’Arc verschillende rollen aannemen, steelt Robin Hood van de rijken om aan de armen te geven en tovert Merlijn de ratten gewoon van hier naar daar.

Toen ik eindelijk Imperial Settlers had ontdekt (ik was een beetje een laatbloeier op dit gebied), vond ik dit spel zo ontzettend leuk dat ik onmiddellijk alle uitbreidingen heb gekocht die ik toen kon vinden. Dit is een klassieke valkuil waardoor je spellenkast vol komt te staan met ongespeelde spellen. Ik had voor  ik met deze Challenge begon dan ook nog maar één (Nieuwe Vrienden) van de vier uitbreidingen die ik gekocht had gespeeld. Niet dat ik iets tegen de andere had, maar het kwam er gewoon nooit van. Maar dankzij de Challenge trok ik Imperial Settlers uit de kast en voegde ik de mini-uitbreiding Driemaal is scheepsrecht aan het spel toe. Deze uitbreiding bestaat uit een stapel nieuwe kaarten die je in de verschillende decks schud. Deze kaarten introduceren een nieuw begrip “De Set”. Setjes bestaan uit drie kaarten (bijvoorbeeld drie rode kaarten of bepaalde combinaties van kaarten). Afhankelijk van hoeveel sets je hebt (productiegebouwen) of maakt (voordeelgebouwen) krijg je dan een bepaalde opbrengst.

Dit is zo’n uitbreiding die verdwijnt in het spel. Hoe meer kaarten er al in je spel zitten (bijvoorbeeld doordat je al andere uitbreidingen gebruikt), hoe kleiner de kans is dat je een nieuwe kaart tegenkomt. En als je er één tegenkomt dan is de kaart ook weer niet zo bijzonder dat hij het spel echt verandert (het is dat je weet dat het een nieuwe kaart is, maar anders had je het niet gemerkt). Meer kaarten is altijd goed in Imperial Settlers, al is het maar vanwege de grappige plaatjes. Maar verder is deze uitbreiding niet echt hemelbestormend.

Nog zo’n spel waar mijn hebzucht voor uitbreidingen groter was dan mijn verstand, is Terraforming Mars. Ik vind dit echt een super leuk spel en kon toen ze uitkwamen de uitbreidingen niet weerstaan. Wat is er dan mis met deze uitbreidingen? Helemaal niets. Alleen Terraforming Mars is zo’n lang spel dat het maar heel incidenteel op tafel komt. Het spel bevat bovendien enorm veel kaarten dat je niet snel behoefte krijgt aan een uitbreiding. Een uitbreiding is dan eigenlijk te veel van het goede en verhoogt juist de drempel om het spel te spelen (je moet niet alleen weer even bedenken hoe het spel zelf ook al weer ging, maar dan ook nog uitvogelen wat de uitbreiding toevoegt). En dus lag de Venus Next uitbreiding jarenlang ongespeeld in de doos van Terravorming Mars te wachten om met behulp van de List of Shame challenge tevoorschijn te komen. Op een regenachtige zondag waarop de lente nog ver weg was en de regen tegen de ramen tikte en de storm om het huis woei was het dan eindelijk zo ver (met zulk weer doe je graag een dagje lockdown). Gelukkig viel de hoeveelheid extra regels mee. Er komen zogenaamde floaters (ik weet ook niet precies wat dit is) bij die ongeveer net zo werken als dieren en een ontwikkeltrack voor Venus. Het wijst redelijk zichzelf. En er kwam ook nog een extra optionele regel bij dat aan het eind van elke ronde één van de tracks één stapje verder gezet mag worden (de startspeler doet dit, maar incasseert niet de eventuele voordelen). Het werd een spannend potje. Niek wist goed gebruik te maken van het Venus-ontwikkelspoor, ik was druk bacteriën aan het kweken. Bij de eindtelling bleek pas hoe close het was. Het kwam namelijk aan op de tiebreaker die Niek met één geld meer won. Pfff, ik geef eerlijk toe: ik was er wel even zuur van.

Ondanks het voor mij wat zure einde, was het leuk om Terraforming Mars weer eens te doen. Ik vond de uitbreiding niet zo heel veel toevoegen, maar misschien was dat ook wel gedeeltelijk doordat ik weinig kaarten uit de uitbreiding trok en degene die ik trok niet besloot te gebruiken. Het voelde een beetje als meer van hetzelfde. Als je net zo als ik in de ongelukkige omstandigheid bent dat dit soort spellen maar zelden op tafel komt, dan kan je deze uitbreiding dus prima aan je voorbij laten gaan.

Voor de cadeaubonnen die ik van mijn werk voor kerst heb gehad heb ik twee uitbreidingen van Clank! gekocht. De eerste die ik daarvan speelde was Clank!: The Mummy’s Curse. Deze uitbreiding bestaat uit een nieuw dubbelzijdig bord, nieuwe kaarten, nieuwe fiches én een mummie. De mummie zwalkt over het bord (na iedere aanval en door sommige kaarten wordt hij verplaatst) en als je hem tegenkomt of als je door één van de door de mummie vervloekte gangen komt, dan krijg je een curse-fiche (2 strafpunten). De mummie levert echter niet alleen nadelen op, maar ook kansen. Als je met hem vecht, dan kan dat je vier geld én een curse-fiche opleveren of (als je het echt grondig aanpakt) dat je de helft van je curse-fiches mag inleveren. Dat ruimt lekker op!

Spellen met een Egyptisch thema hebben hier in huis een streepje voor en deze Clank! uitbreiding stelde niet teleur. Het is een nieuw bord waar je weer je weg op moet zoeken. De vloeken zijn een leuke nieuwe toevoeging die je voor nieuwe afwegingen stelt. En de namen en illustraties van de nieuwe kaarten zijn weer erg grappig. Deze uitbreiding is denk ik alleen misschien wel leuker met meer dan twee spelers omdat de mummie dan vaker aangevallen zal worden en daardoor wat meer beweegt en daardoor voor wat meer leuke chaos zorgt.

De volgende uitbreiding die zijn plekje op de List of Shame moest opgeven is Canvas Reflections. Deze uitbreiding voor Canvas is vooral meer van hetzelfde, maar dan met een kleine twist. Zo speel je op een nieuw bord waarop meer transparante kaarten liggen om uit te kiezen. Verder zijn er nieuwe opdracht- en bonuskaarten en een nieuwe medaille-categorie (goud, die net zo werkt als de zilveren medailles maar die een puntje meer waard zijn). Maar het hart van deze uitbreiding zijn de nieuwe dubbelzijdige (!) transparante kaarten. Deze zijn alleen al heel leuk om te bekijken doordat het heel knap is hoe de beide zijden naadloos op elkaar passen maar toch heel anders kunnen zijn (bijvoorbeeld de ene kant is een engeltje en de andere kant een duiveltje of de kleuren zijn helemaal aangepast). Maar daarnaast geven ze ook een extra keus doordat de labels aan beide kanten op verschillende plaatsen staan.

Het zijn maar kleine veranderingen die Canvas Reflections toevoegt aan het spel, maar ze zijn wel leuk. Ze zorgen voor meer variatie (meer kaarten, opdrachten en bonussen), meer uitdaging (de gouden medailles als extra doel, de dubbelzijdige kaarten) én het ziet er ook nog eens prachtig uit. Wie kan daar nou bezwaar tegen hebben.

Ook voor Qwixx lag er nog een uitbreiding ongespeeld in de kast, namelijk Qwixx Karakters. Dit is een mini-uitbreiding voor Qwixx waarbij iedere speler een karakterkaart krijgt die je iets extra’s biedt. In totaal zijn er vijf karakterkaarten. Zo laat Tina Turner je één drie in een vier veranderen (of een vier in een drie) en maakt Miss Take nooit mee dat ze fouten maakt (als ze niets kan afstrepen in haar eigen beurt dan mag ze een kruisje naar keuze zetten).

Deze uitbreiding geeft een leuke, kleine twist aan Qwixx. Na het eerste potje waren we meteen nieuwsgierig hoe de andere karakters werkten en dus bleef het niet bij één potje. En dat zegt wel genoeg denk ik. Deze uitbreiding voegt een klein beetje variatie aan Qwixx toe en dat kan Qwixx prima hebben.

Tot de zorgenkindjes op mijn List of Shame behoren een klein aantal coöperatieve spellen. Op dat vlak heb ik (na wat vallen en opstaan) inmiddels mijn lesje wel geleerd, Niek haat coöperatief dus dat soort spellen mag ik van mezelf niet kopen (tenzij ik een heel goede reden heb om mijn eigen regels te breken natuurlijk). Gelukkig houdt Saskia wel van coöpjes en vond zij het leuk om twee van mijn ongespeelde coöpjes te proberen. De eerste die we deden was een uitbreiding voor het Pandemie dobbelspel, namelijk Pandemic: The Cure: Experimental Meds. Er zitten verschillende onderdelen in deze uitbreiding die je naar keus aan een potje kan toevoegen. Wij hielden het simpel en gebruikten alleen nieuwe karakterkaarten en de nieuwe Event-kaarten.

Leuk! Leuk! Leuk! Ik vind deze Pandemie-variant echt heel leuk om te doen en ik baal er stiekem dan ook een beetje van dat ik Niek niet het licht heb kunnen laten zien. Gelukkig was Saskia enthousiaster en speelde die met plezier mee. De nieuwe rollen en event-kaarten laten zich makkelijk in het spel integreren (de goede meer van hetzelfde uitbreiding). Wat ik wel jammer vind, is dat de rollenkaarten in het basisspel in de vorm van zo’n kaartje dat je aan een keycord om je nek kan hangen zijn gesneden (dus beetje ronde bovenkant en een sleufje er in waar je de keycord aan kan hangen), maar dat de kaarten uit de uitbreiding gewone kaarten zijn (rechthoekig zonder sleufjes). Het maakt voor het speelplezier niets uit, maar het is toch een beetje jammer dat ze dat stukje van de vormgeving niet hebben doorgevoerd. Ik moet echt mijn best gaan doen om andere vrijwilligers te vinden om dit spel mee te doen, het is te leuk om ongespeeld in de kast te staan.

En het tweede coöperatieve spel dat ik met Saskia deed was Burgle Bros 2: Casino Capers. Dit is het vervolg op Burgle Bros. Ik heb Burgle Bros indertijd gespeeld met mijn collega’s waarmee ik nu Pandemic Legacy Season 0 speel en dat beviel goed. Ik vond deze casino-versie er heel cool uitzien, onder andere vanwege de aanwezigheid van een hele leuke Elvis-meeple. Ik heb dit spel dan ook gebacked op Kickstarter in de verwachting dat ik het met mijn collega’s zou kunnen doen, maar daar kwam door Corona niets van terecht (en nu hebben we andere spellen die we liever doen). En dus stond dit spel maandenlang ongespeeld mooi te zijn in mijn spellenkast. In Burgle Bros 2: Casino Capers moet je wederom een kraak zetten. Dit keer in een Casino en dat brengt weer zijn eigen uitdagingen met zich mee. Het spel is  grotendeels hetzelfde, maar in deze versie zitten wat meer toeters en bellen (bijvoorbeeld kaarten die je op bepaalde momenten mag trekken en die iets leuks of vervelends betekenen).

Met zijn tweeën duurde Burgle Bros een tikje aan de lange kant waardoor het op een gegeven moment een beetje repetitief werd. In mijn herinnering (waarvan de vraag is hoe accuraat die is aangezien het meer dan vijf jaar geleden is dat ik voor het laatst Burgle Bros speelde) liep het allemaal wat soepeler met vier spelers en heb je dan wat meer mogelijkheden om elkaar te helpen. Het Casino-thema past wel heel goed op het spel. Wij hadden vooral veel lol om de Sales-woman die mij eindeloos aan de praat hield (je kan pas weg als een andere speler je komt verlossen). Je ziet het gewoon voor je: je probeert onopvallend een kraak te zetten in een casino en zit vervolgens vast aan een vasthoudende verkoper die je niet zonder de aandacht op je te vestigen kan afschudden. Heel grappig bedacht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.